Adres    Doelstelling     Nieuwsbrief     Bestuur     Raad van Advies     Oprichtingsakte

WAARSCHUWING

Hierna volgt de tekst van de oprichtingsakte van de ADHD stichting.

Deze tekst is zoveel mogelijk gelijkluidend aan de originele akte. In geval van twijfel gedt de tekst van de originele akte, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel Oost-Brabant te Eindhoven,

registratienummer 17110540.

Bij wijziging van statuten, reglement en bestuurssamenstelling geldt de laatst vastgestelde versie.

Verspreiding van deze tekst is toegestaan, doch uitsluitend als het gaat om de volledige en ongewijzigde inhoud en indien deze waarschuwing vermeld blijft.

 

 

OPRICHTING VAN EEN STICHTING

 

Vandaag drie en twintig december negentienhonderd acht en negentig, verschijnt voor mij, Mr Martinus Johannes Joseph de Wit, benoemd notaris, (hierna te noemen notaris) als plaatsvervanger van Prof. mr Martin Jan Alexander VAN MOURIK, notaris te Nijmegen:

DIONYSIUS WILHELMUS JOHAN KOBUSSEN, verzekeringsadviseur, wonende Parallelweg 5 te 5431 CA Cuijk, geboren te Helmond op veertien augustus negentienhonderd negen en vijftig, rijbewijs nummer 0062245203 (uitgegeven op tien mei negentienhonderd negen en tachtig te Nijmegen), ongehuwd en niet als partner geregistreerd,

hierna te noemen: "de oprichter".

De oprichter verklaart hierbij een stichting op te richten en daarvoor vast te stellen de volgende:

---------------------------------------------- STATUTEN

NAAM EN ZETEL

Artikel 1

1. De stichting draagt de naam: ADHD STICHTING.

2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Cuijk.

DOEL

Artikel 2

1. De stichting heeft ten doel: het verbeteren van de situatie van volwassenen en kinderen met Attention Deficit Hyperactivity Disorder (hierna te noemen: "ADHD") en hun omgeving, dit in samenwerking met andere organisaties met betrekking tot ADHD.

2. De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door:

a. het bevorderen van wetenschappelijk onderzoek met betrekking tot ADHD;

b. het creëren van zinvolle werkgelegenheid, werk, het bevorderen van het behouden van werk en het bevorderen en reïntegratie van werkloze en arbeidsongeschikte volwassenen met ADHD;

c. het creëren, met behulp van informatie- en communicatietechnologie, van een centraal informatiepunt met betrekking tot ADHD ten behoeve van:

- volwassenen en kinderen met ADHD;

- hun omgeving (zoals partners, ouders, kinderen, docenten, werkgevers, etcetera);

- hulpverleners;

- wetenschappers en studenten; en

- alle overige geïnteresseerden;

d. het verbeteren van de scholing en onderwijs omtrent ADHD en het bevorderen van na- en bijscholing omtrent ADHD;

e. het geven van advies aan overheden, instellingen en bedrijven;

f. het geven van voorlichting aan ADHD kinderen en volwassenen en hun omgeving.

3. De stichting beoogt niet het maken van winst.

VERMOGEN

Artikel 3

1. Het vermogen van de stichting kan worden gevormd door:

a. bijdragen van hen, die met het doel van de stichting sympathiseren;

b. bijdragen van hen in wier belang de stichting werkzaam is;

c. subsidies;

d. erfrechtelijke verkrijgingen en schenkingen;

e. opbrengsten van activiteiten van de stichting;

f. alle andere baten.

2. Nalatenschappen worden door de stichting slechts aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

BESTUUR (samenstelling en benoeming)

Artikel 4

1. Tot het overlijden van de oprichter of tot een zoveel eerder tijdstip als de oprichting bepaalt, bestaat het bestuur uit één persoon, te weten de oprichter.

Deze verenigt alle functies in zich.

2. Het bestuur benoemt zichzelf.

Het bestuur kan besluiten zich uit te breiden tot vijf leden.

3. In afwijking van het bovenstaande kan de oprichter voor het geval van beëindiging van zijn bestuur zelf in de bestuurssamenstelling voorzien door benoeming van de bestuursleden bij notariële akte.

4. Indien het bestuur uit meer dan één persoon bestaat, kiest het bestuur uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook door één persoon worden vervuld.

5. Na het ontstaan van een vacature, zal het bestuur daarin zo spoedig mogelijk voorzien.

Indien binnen zes maanden na het ontstaan van een vacature de betrokken vacature nog niet is vervuld, kan de benoeming geschieden door de rechter overeenkomstig het bepaalde in artikel 299 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook een of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een geldig bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 13.

7. De leden van het bestuur genieten als zodanig geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte en door het bestuur goedgekeurde kosten.

BESTUURSVERGADERINGEN EN BESTUURSBESLUITEN

Artikel 5

1. De bestuursvergaderingen worden gehouden in de gemeente waar de stichting haar zetel heeft; met instemming van alle bestuursleden kan een vergadering ook elders worden gehouden.

2. Ieder jaar wordt ten minste één vergadering gehouden.

3. a. Vergaderingen zullen voorts steeds worden gehouden wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien een der andere bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt.

b. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.

c. Aan een verzoek als sub b bedoeld wordt geacht geen gevolg te zijn gegeven indien de vergadering niet binnen drie weken na het verzoek wordt gehouden.

4. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 3 letter b bepaalde - door of namens de voorzitter, ten minste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet medegerekend, door middel van oproepingsbrieven.

5. De oproepingsbrieven vermelden, de plaats en tijdstip van de vergadering en de te behandelen onderwerpen.

6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter; bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.

7. Van hetgeen besproken en besloten is in de vergaderingen worden notulen opgemaakt door de secretaris of door een der andere aanwezigen, door de voorzitter der vergadering daartoe aangezocht. De notulen worden in de volgende vergadering door het bestuur vastgesteld en ten bewijze daarvan door de voorzitter en secretaris ondertekend.

8. a. Het bestuur kan ter vergadering slechts besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Besluiten kunnen slechts worden genomen met betrekking tot geagendeerde onderwerpen.

b. Indien echter ter vergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.

c. Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een schriftelijk daartoe gevolmachtigd medebestuurslid laten vertegenwoordigen.

Een bestuurslid kan slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden.

d. Indien in een vergadering als sub a bedoeld het vereiste aantal bestuursleden niet aanwezig of vertegenwoordigd is, zal, niet eerder dan twee weken maar niet later dan vier weken na de eerste vergadering, een tweede vergadering worden gehouden waarin over de voor de eerste vergadering geagendeerde onderwerpen kan worden besloten ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuursleden.

9. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden hun stem schriftelijk voor het voorstel hebben uitgebracht. Een dergelijk voorstel dient schriftelijk te worden gedaan. Van een aldus genomen besluit wordt, onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden, door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.

10 Ieder bestuurslid heeft recht tot het uitbrengen van één stem.

Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van uitgebrachte stemmen.

Een lid mist stemrecht over zaken die dat lid persoonlijk betreffen en wordt terzake van een desbetreffend voorstel niet meegeteld ter vaststelling of aan de eis van artikel 5 lid 8 letter a (het quorum) is voldaan.

11 Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een der stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt.

Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.

12 Blanco en ongeldige stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. Degenen die blanco of ongeldig hebben gestemd blijven meetellen voor het quorum.

13 Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag der stemming is beslissend. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk is geschied, één stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

BESTUURSBEVOEGDHEID

Artikel 6

1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.

2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, tenzij daartoe besloten is met een meerderheid van drie/vierde der stemmen in een vergadering waarin alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

3. Indien in een vergadering als in het vorige lid bedoeld niet alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal, niet eerder dan een week en niet later dan vier weken na de eerste vergadering, een tweede vergadering worden gehouden waarin over het desbetreffende onderwerp kan worden besloten met een meerderheid van drie/vierde der stemmen mits ter vergadering ten minste de helft van het aantal in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is.

VERTEGENWOORDIGING

Artikel 7

1. De stichting wordt vertegenwoordigd door het bestuur of door de voorzitter en de secretaris gezamenlijk of door één van de bestuursleden die daartoe bij bestuursbesluit is aangewezen.

2. Aan de penningmeester kan door het bestuur beperkte of algehele volmacht worden gegeven voor zover het de uitoefening van diens taak betreft.

3. De beperking van de bestuursbevoegdheid in lid 2 van het vorige artikel geldt mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging.

4. De in het vorige lid vermelde beperking kan slechts door de stichting worden ingeroepen.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP; SCHORSING

Artikel 8

1. Het bestuurslidmaatschap eindigt: door overlijden van een bestuurslid, door verstrijken van de mogelijkerwijze vastgestelde duur der benoeming, door aftreden volgens rooster, door verlies van het vrije beheer over zijn vermogen, door schriftelijke ontslagneming met inachtneming van een redelijke termijn en door ontslag door de rechtbank op grond van artikel 298 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

2. Een bestuurder kan voorts worden ontslagen door een besluit van de overige bestuursleden. Indien slechts twee bestuursleden in functie zijn, kan een dergelijk besluit niet worden genomen.

Indien drie bestuursleden in functie zijn dient het besluit met algemene stemmen van de overige bestuursleden te worden genomen.

Zijn meer dan drie bestuursleden in functie dan behoeft het besluit een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen van de overige bestuursleden. Het betrokken bestuurslid wordt vooraf in de gelegenheid gesteld over het voorgenomen besluit te worden gehoord.

3. Een bestuurslid kan worden geschorst bij besluit van het bestuur. Het besluit kan slechts worden genomen in een vergadering waarin ten minste twee/derde van het aantal in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. De schorsing die niet binnen tien dagen is gevolgd door ontslag vervalt na verloop van die termijn.

RAAD VAN ADVIES

Artikel 9

1. De stichting kent een Raad van Advies waarin natuurlijke personen kunnen deelnemen die deskundig zijn op het gebied van de doelstelling van de stichting.

Het aantal leden wordt met algemene stemmen vastgesteld door het bestuur van de stichting.

2. De leden van de Raad van Advies worden door het bestuur benoemd.

3. De Raad van Advies kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester kunnen door één persoon worden vervuld.

4. Naast de taken en bevoegdheden die aan de Raad van Advies in of krachtens andere bepalingen van deze statuten worden opgedragen of toegekend, behoort het tot zijn taak casu quo bevoegdheid het bestuur gevraagd en ongevraagd van advies te dienen.

5. Het lidmaatschap van de Raad van Advies eindigt door overlijden van een lid van de Raad van Advies, bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen, bij schriftelijke ontslagneming (bedanken) of door zijn ontslag verleend door de gezamenlijke overige leden van de Raad van Advies.

BOEKJAAR, JAARSTUKKEN EN BEGROTING

Artikel 10

1. Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar.

2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de rechtspersoon en alles betreffende de werkzaamheden van de rechtspersoon, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon kunnen worden gekend.

3. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen drie maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van de baten en lasten van de stichting te maken en op papier te stellen. Deze stukken worden tezamen ook genaamd "jaarstukken".

4. De jaarstukken als in het vorige lid bedoeld worden door het bestuur vastgesteld en ten bewijze daarvan door alle bestuursleden ondertekend. Indien een handtekening ontbreekt wordt de reden daarvan op het desbetreffende stuk vermeld. Het bestuur is bevoegd van de jaarstukken een accountantsrapport te doen opmaken.

5. De vaststelling dechargeert de penningmeester, behalve voor hetgeen niet uit de boeken blijkt.

6. Het bestuur is verplicht de in de leden 2 en 3 bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers tien jaren te bewaren. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.

7. Indien zulks als voorwaarde voor subsidieverlening gesteld wordt, worden de jaarstukken ter kennisneming toegezonden aan de subsidiërende organisatie of instelling.

8. Jaarlijks, zo mogelijk vóór de afloop van het lopende boekjaar doch uiterlijk een maand na het begin van het nieuwe boekjaar stelt het bestuur de begroting met betrekking tot het nieuwe boekjaar vast.

REGLEMENT

Artikel 11

1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet in deze statuten zijn vervat.

2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.

3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of in te trekken.

4. Voor besluiten tot vaststelling, wijziging of intrekking van het reglement is een meerderheid van twee/derde vereist.

COMMISSIES

Artikel 12

Het bestuur is bevoegd commissies in het leven te roepen. Nadere taken en doelstellingen van een commissie worden bij reglement geregeld.

STATUTENWIJZIGING

Artikel 13

1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van drie/vierde der stemmen in een vergadering waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zonder dat in het bestuur enige vacature bestaat.

2. Indien in een vergadering als in het vorige lid bedoeld het vereiste aantal bestuursleden niet aanwezig of vertegenwoordigd is, kan na twee weken maar uiterlijk binnen vier weken na de eerste vergadering een tweede vergadering worden gehouden waarin over het desbetreffende onderwerp met drie/vierde der stemmen kan worden besloten mits ter vergadering ten minste de helft van de bestuursleden als in lid 1 bedoeld, aanwezig of vertegenwoordigd is.

3. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen.

4. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van wijziging, alsmede zo nodig de doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het stichtingenregister.

ONTBINDING EN VEREFFENING

Artikel 14

1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 13 leden 1 en 2 van overeenkomstige toepassing.

2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voorzover dit ter vereffening van haar vermogen nodig is.

3. De vereffening geschiedt door het bestuur; het bestuur is echter bevoegd een of meer vereffenaars te benoemen.

4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat de ontbinding van de stichting wordt ingeschreven in het stichtingenregister.

5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten en het eventuele reglement van kracht.

6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting, te bepalen door het bestuur.

7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken gedurende tien jaren berusten onder de jongste vereffenaar.

Artikel 15

In alle gevallen, waarin noch de wet noch de statuten of verdere reglementen voorzien, beslist het bestuur.

EERSTE BESTUUR en dergelijke.

Tenslotte verklaart de comparant:

a. Voor de eerste maal wordt tot bestuurder van de stichting benoemd: de oprichter.

b. Het eerste boekjaar loopt tot en met een en dertig december negentienhonderd negenennegentig;

c. het adres der stichting is Parallelweg 5 te 5431 CA Cuijk.

 

 

----------------------------------------- SLOT AKTE

De comparant is mij, notaris, bekend. De identiteit van de comparant is door mij, notaris, aan de hand van het hiervoor vermelde document vastgesteld.

---------------------------------------------------------------------------------------- Deze akte is opgemaakt te Nijmegen op de datum als aan het begin van deze akte vermeld.

Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte aan de comparant heeft hij verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing daarvan geen prijs te stellen.

Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing door de comparant ondertekend.

Direct daarna is deze akte door mij, notaris, om

veertien uur en zestien minuten ondertekend.

(w.g.) D.W.J. Kobussen, M.J.A. van Mourik.