adhd-land

probeer Psychologie Magazine - 5 nummers voor f 25,-

Hou je hersens erbij!

themanummer De Hersenstorm
Psychologie Magazine oktober 2000


Hou je hersens erbij!

Ronald van Gelder en Ad Bergsma

 

Dat ADHD zijn oorzaak vindt in de hersenen, is te simpel gezegd. Maar er zijn wel verschillen gevonden in hersenfuncties van mensen met en zonder ADHD.

De koninklijke weg naar erkenning van leed is een verwijzing naar de hersenen. Als ADHD veroorzaakt wordt door een weeffoutje in het brein, dan zeggen we niet meer dat het kind te weinig zijn best doet of dat de ouders meer aandacht hadden moeten besteden aan de opvoeding. Het ziektebegrip bevrijdt direct betrokkenen van het verwijt ‘eigen schuld, dikke bult’. Dat is natuurlijk niet verkeerd, maar echt steekhoudend is de achterliggende gedachte niet. Men vergeet namelijk dat het brein niet alleen het biologische product is van onze genen. Elke minuut dat de pasgeboren baby ter wereld is, krijgt hij er een kleine vijf miljoen zenuwuitlopers bij. Dit is zo’n enorm aantal dat alle verbindingen tussen zenuwcellen niet exact door erfelijke factoren geprogrammeerd kunnen worden. In plaats daarvan beschikt het brein over mechanismen om zichzelf te reguleren. Aan de hand van de ervaringen die het jonge kind opdoet, worden verkeerde verbindingen gesnoeid en effectieve circuits verstevigd. Het brein krijgt zijn vorm in een voortdurende wisselwerking met zijn omgeving.

Bij ADHD lijkt sprake te zijn van een subtiele ontregeling van dit duizelingwekkend complexe proces. Zo kan een chaotische leefomgeving in combinatie met de nodige aanleg ADHD veroorzaken. Hierbij geldt dat omgevingsinvloeden een kleinere rol spelen naarmate de aanleg sterker is. Ook kunnen andere biologische factoren roet in het eten gooien. Als het zich ontwikkelende embryo bijvoorbeeld in aanraking komt met alcohol of lood, vergroot dit de kans op aandachtsproblemen in het latere leven. En bij minder dan tien procent van de kinderen met ADHD kan hersenletsel aangewezen worden ten gevolge van een ongeluk.

ADHD kent dus verschillende ontstaansgeschiedenissen en mogelijk zullen we in de toekomst spreken over een aantal afzonderlijke ziektebeelden die leiden tot vergelijkbaar gedrag. Dit zou verklaren waarom hersenonderzoek soms tegenstrijdige bevindingen heeft opgeleverd. Een aantal conclusies keert echter steeds terug en die zijn in het onderstaande model van ADHD verwerkt.

Zoals verwacht staan de hersenstructuren die betrokken zijn bij de aandacht centraal.

Het voorste aandachtssysteem (groen in de figuur) houdt zich bezig met het wie, wat, waar, wanneer en hoe van de interactie met de omgeving. Hier worden onze daden gepland, gereguleerd en gecontroleerd. Ondoelmatige reacties worden geremd. Deze vitale voorste hersendelen zijn bij kinderen met ADHD minder actief en ook zo’n vijf tot tien procent kleiner. Het kind doet daardoor allerlei dingen zonder overwogen te hebben wat de gevolgen daarvan zijn.

Het achterste aandachtssysteem (geel in de figuur) registreert nieuwe prikkels en reageert daar ook op. Als de prikkels van belang zijn, moeten ze worden doorgegeven aan het voorste aandachtssysteem en irrelevante informatie moet worden onderdrukt. Bij ADHD werkt dit systeem relatief goed, maar soms mist het kind belangrijke gebeurtenissen en reageert het wél op onbelangrijke bijzaken.

De lagere hersenkernen zijn verantwoordelijk voor de alertheid van het individu. De eerder genoemde aandachtssystemen zijn hiervan volledig afhankelijk, want als het individu slaapt komt er natuurlijk niets terecht van aandacht besteden. De alertheid bij ADHD is lager dan normaal en kan opgekrikt worden met medicatie.

Een hersenkern die niet in het plaatje is te zien, maar die in onderzoek onder ADHD’ers telkens weer afwijkingen laat zien, is de nucleus caudatus. Deze krijgt rechtstreeks opdrachten van het voorste aandachtssysteem en speelt een hoofdrol bij de bewegingscoördinatie.

Dwarsdoorsnede van het ADHD-brein

 

Dwarsdoorsnede van het ADHD-brein. De medicatie die gebruikt wordt bij ADHD werkt in op de genoemde neurotransmitters.

Een belangrijke prikkel levert een duidelijke uitslag op bij een EEG, als een elektrode geplakt wordt op het gebied boven het achterste aandachtssysteem.

De uitslag op het EEG is bij kinderen met ADHD kleiner (blauw) dan normaal (rood)

 

© Psychologie Magazine / Weekbladpers Tijdschriften 2000

nabestelling      proefabonnement       inhoudsopgave      volgend artikel

Reacties op bovenstaand artikel

Voor reacties op dit artikel kunt u contact opnemen met de redactie van adhd-land via dit formulier of via een e-bericht aan redactie@adhd.nl.

Uw reacties zullen worden verzameld en straks via een aparte pagina worden gekoppeld aan dit artikel. Geeft u in uw reactie aan of deze eventueel anoniem geplaatst moet worden? De redactie van adhd-land behoudt zich het recht voor reacties al dan niet te publiceren of in te korten.

Natuurlijk kunt u ook contact opnemen met de redactie van Psychologie Magazine en bijvoorbeeld een ingezonden brief sturen.


  Zie ook het themanummer
uit oktober 2000 van J/M, vakblad voor ouders:   
  
Het dagelijks leven met ADHD

Op het Internet gepubliceerd in adhd-land met uitdrukkelijke toestemming van de redactie van Psychologie Magazine.

Ovename op andere webpagina's alleen toegestaan als de volledige tekst wordt overgenomen (inclusief deze voettekst)

(bijgewerkt 10 december 2000)

© ADHD stichting / Psychologie Magazine 2000


Vragen & opmerkingen? Stuur een bericht aan de redactie


adhd-land is een initiatief van de ADHD stichting