De zeven
meest gestelde vragen over ADHD
Ad
Bergsma
Wat is
ADHD?
ADHD is
voluit een aandachtstekortstoornis met
hyperactiviteit. De afkorting is
afkomstig van het Engelse attention-deficit/hyperactivity
disorder.
Kinderen (en
volwassenen) met deze stoornis hebben
drie hoofdproblemen: zij kunnen hun
aandacht nergens goed bijhouden; ze zijn
impulsief en handelen zonder eerst te
overwegen wat de consequenties zijn; en
ze zijn overbeweeglijk of hyperactief.
Nu zijn dit alle
drie normale en veel voorkomende
verschijnselen, maar bij ADHD zijn ze erg
hardnekkig en zo sterk dat de
ontwikkeling erdoor bedreigd wordt. Je
moet spreken van een handicap in plaats
van een overmaat aan speelsheid.
Is
het de schuld van de ouders?
Het
antwoord op deze vraag is vooral
afhankelijk van wat je wilt bereiken.
Nee, zeg je om te
laten zien dat veel kinderen met ADHD
heel gewone of zelfs prima ouders hebben,
die
eigenlijk niets te
verwijten valt. Zij hebben een
probleemkind en worden daar onterecht op
aangekeken.
Ja, zeg je om te
laten zien dat de omgeving wel degelijk
invloed kan hebben. De Amsterdamse
psycholoog Pier Prins schrijft
bijvoorbeeld dat het niet verwonderlijk
is dat onze samenleving die steeds
actiever, lawaaiiger en jachtiger wordt
ook steeds meer kinderen kent die thuis
en op school opvallen door hun rusteloze,
ongeconcentreerde en impulsieve
gedrag.
Een ideaal
opvoedingsklimaat zou waarschijnlijk een
deel van de ADHD-gevallen kunnen
voorkomen.
Is
het een ernstige stoornis?
Zonder
enige twijfel moet deze vraag bevestigend
beantwoord worden. ADHD zet de relatie
met de omgeving onder druk. Het kind
staat bloot aan veel spanningen en krijgt
vaak te maken met afwijzing. Dit is
uiteraard niet bevorderlijk voor het
welbevinden.
De Amerikaanse
kinderpsychiater Russell Barkley geeft bovendien
de volgende cijfers in zijn uitstekende
boek Diagnose ADHD;
Een gids voor ouders en hulpverleners:
In de
Verenigde Staten is meer dan twintig
procent van de ADHD-kinderen ooit
betrokken geweest bij ernstige
brandstichting in hun eigen omgeving,
meer dan dertig procent is betrokken
geweest bij diefstal, meer dan veertig
procent rookt en drinkt op jonge
leeftijd, en meer dan vijfentwintig
procent is wel eens van school gestuurd
vanwege slecht gedrag. Kort geleden is
ook de invloed van ADHD op autorijden
onderzocht. Binnen twee jaar na het
behalen van het rijbewijs veroorzaken
jonge volwassenen met adhd vier keer zo
veel auto-ongelukken en krijgen zij drie
keer zoveel boetes voor te hard rijden
als jonge bestuurders zonder ADHD.
De stoornis is
gevaarlijk voor kind én omgeving.
Groeien
kinderen vanzelf over ADHD heen?
Als je er
een staatje van zou maken, dan komt ADHD
in de kindertijd bij drie tot vijf
procent van de kinderen voor. Op de
leeftijd van twintig jaar voldoet minder
dan een procent van de mensen aan de
diagnostische criteria voor ADHD en op
veertigjarige leeftijd is dat nog maar
0,05 procent. Het ouder worden heeft een
duidelijk helend effect, al blijft
ongeveer de helft van de betrokkenen
kampen met enige restverschijnselen.
Helpt
medicatie?
Medicijnen
als Ritalin zorgen voor een duidelijke
vermindering van de symptomen. Het
concentratievermogen gaat omhoog en het
kind is minder rusteloos. Dit leidt
bijvoorbeeld tot betere relaties met
leerkrachten en leeftijdgenoten.
De medicatie kan
aanleiding zijn tot bijwerkingen, maar is
in de regel goed te verdragen. Wel
bestaat er nog de nodige onzekerheid of
de medicatie op de langere termijn het
lot van kinderen met ADHD kan verbeteren,
omdat hier simpelweg nog te weinig
onderzoek naar is gedaan. Ook zijn er
kinderen bij wie de medicatie niet
aanslaat.
Bestaan
er alternatieven voor medicatie?
Ja. De
Utrechtse kinderpsychiater Jan Buitelaar verwoordt de
stand van zaken als volgt:
De huidige
conclusie naar aanleiding van
grootschalig onderzoek is dat medicatie
de eerste behandelingsstrategie is en
blijft bij ADHD, maar dat starten met
intensieve gedragstherapie, mits
beschikbaar en bij ouders die dat kunnen
opbrengen, een te verdedigen alternatief
is.
De gedragstherapie
zorgt ervoor dat het kind te maken krijgt
met een helder gestructureerde omgeving
en tracht het kind te ondersteunen bij
het verwerven van een betere
impulsbeheersing. De hyperactiviteit
blijkt beter behandelbaar dan het
aandachtstekort. Als de gedragstherapie
na zes maanden nog onvoldoende resultaat
heeft gehad, dient een aanvullende
behandeling met medicijnen ingesteld te
worden.
Wat
zijn MBD en ADD?
Het
gebied van de aandachtsstoornissen wordt
beheerst door de afkortingen. Voorheen
werd de stoornis beschreven als MBD: Minimal
Brain Damage. De veronderstelde
hersenbeschadiging werd echter alleen
verondersteld, nooit aangetoond. Vandaar
dat we tegenwoordig de voorkeur geven aan
de meer feitelijke omschrijving als
aandachtstekortstoornis.
De term ADD is een
afkorting van de Attention Deficit
Disorder. Deze term wordt
tegenwoordig meestal gebruikt voor
kinderen en volwassenen die wel de
concentratieproblemen hebben, maar niet
de overbeweeglijke onrust.
©
Psychologie Magazine / Weekbladpers
Tijdschriften 2000